maandag 19 oktober 2015

Miet en Griet 34

Vreemde vogel

Voor het zandkuiltje van Miet en Griet ligt een vreemd vogeltje. Het is een raadsel hoe het daar is gekomen. Is het komen aanvliegen? Door iemand achtergelaten of aangespoeld misschien? Het beestje zit rommelig in de veren, de snavel staat een beetje open en het borstkastje gaat snel op en neer. Griet hoort een zwaar hijgen. Wat moet dat mormeltje op haar terras? Ze bekijkt het met argusogen, niet van plan veel actie te ondernemen.
De minkukel kan wel uit exotische oorden komen en een ziekte onder de vleugels hebben.
Griet houdt gepaste afstand.
Ze zou willen dat Miet ook zo verstandig was, maar zuslief hipt nieuwsgierig om de onverwachte gast heen. Je kunt er op wachten dat dit de nodige onrust gaat geven.
Als het vogeltje een beetje op adem is gekomen stoot het vreemde klanken uit.
Miet en Griet verstaan er niets van en komen tot de conclusie dat deze vogel niet uit Nederland komt.
Miet denkt dat het een verdwaalde spreeuw uit Scandinavië is. Op weg naar Centraal-Europa om te overwinteren, de groep kwijtgeraakt en hier gestrand.
Griet is niet blij met die vreemde snoeshaan of spreeuw, wat maakt het uit. Er ligt een probleem voor hun deur en zo te zien is Miet van plan zich ermee te bemoeien.
Stel je voor dat ze gelijk heeft en die groep doortrekkers komt hun soortgenoot zoeken.
Voor je het weet maakt een kolonie Scandinaviërs de kust onveilig.
Nederlandse spreeuwen staan bekend als straatjongens en lawaaischoppers. Ze heeft van Twan gehoord dat de Noorderlingen, vooral in groepsverband, nog een graadje erger zijn. Eten de boel in een paar dagen kaal en nemen onder luid gekwetter bomen in bezit.
Tot ze weer doortrekken, jagen ze vaste bewoners weg. Niet echt een gezelschap waar je op zit te wachten.
Het zal haar niet verbazen dat ze te maken hebben met een luie spreeuw die het klimaat hier goed genoeg vindt. Misschien denkt dit vodje wel dat ze in de vogelopvang terecht kan voor een veertransplantatie of een snavelcorrectie. Je hoort tegenwoordig de gekste dingen.
Kijk haar zuster druk bezig zijn. Straks gaat ze nog aanbieden dat de vogel hier mag blijven liggen om uit te blazen. Daar gaat Griet een stokje voor steken. Onder de bank op de boulevard is plek genoeg voor afgedwaalde vogels. Bovendien is de kans levensgroot dat de kat van Sjef Kokkel, eigenaar van restaurant Zeeschuim, het een lekker hapje vindt. Voor dat laatste argument zal Miet vast gevoelig zijn.

Hopelijk komt Twan snel langs, die weet overal raad op. 

zaterdag 10 oktober 2015

Miet en Griet 33

 Miet en Griet keren huiswaarts

De gezusters zandvlo Miet en Griet hebben het idee opgevat terug te gaan naar hun vertrouwde zandkuil aan de voet van de vuurtoren in Egmond aan Zee.
Afgelopen voorjaar heeft de aanvaring met een hogedrukspuit op het terras van eethuis Sjans in De Koog, Miet bijna het leven gekost. Maar de intensieve revalidatie in Ecomare heeft zijn vruchten afgeworpen. Haar schildje glimt weer als vanouds. Als ze snel hipt, zie je de kras bovenop niet eens zitten. Geestelijk heeft ze onder het hele gebeuren minder geleden dan haar zuster. Griet, altijd al de meest bedachtzame van het stel, is het ongeluk niet in de koude kleren gaan zitten. Ze mijmert over een rustige winter. Miet echter heeft het na de maandenlange retraite op Texel met rust, reinheid en regelmaat helemaal gehad.
Ze staat te trappelen van ongeduld om met Twan zeemeeuw, die hen naar huis zal vliegen, aan de sliert te gaan. Zij heeft van de crash duidelijk niets geleerd. Na de oversteek over het Wad broedt ze al op de onzalige gedachte een paar dagen in Den Helder te blijven.
In de haven valt altijd wat te beleven. Griet wil het plan niet eens in overweging nemen.
Recht zo die gaat langs de kust naar Egmond en verder geen geintjes, dat is haar boodschap aan Twan. Na een voorspoedige vlucht treffen de zusters hun zandkuil in ongerepte staat aan. Nadat Griet een pot thee heeft gezet, nestelen ze zich meteen op hun terrasje met zicht op zee. Twan ziet dat het goed is en laat de zussen alleen.
Griet pinkt een traantje weg. ‘Thuis, wat heb ik dat gemist.’

 ‘Zullen we onze biograaf binnenkort laten weten dat we ons beraden op nieuwe avonturen?’
 Als blikken hadden kunnen doden, had Miet alsnog het loodje gelegd.